|
Muziekprogramma's zijn vaak erg complex, zeker als zij veel functies bieden. Soms is het een hele klus om een nieuw programma te leren kennen.
Capella vormt hierop een prettige uitzondering. Het programma is buitengewoon overzichtelijk en gebruiksvriendelijk. Dit wordt veroorzaakt doordat het schrijven van muziek als uitgangspunt is genomen en niet het sequensen, d.w.z. het opnemen van (MIDI-) muziek. Uiteraard kan een resultaat wel worden beluisterd, maar het produceren van bladmuziek blijft centraal staan. Het programma is dan ook nogal grafisch van opzet, waarbij het gebruikersgemak voorop staat. Capella wordt geleverd met twee boekjes: een referentieboek en een lesboek. Het referentieboek bestaat uit twee delen: een systematisch deel waarin de structuur van het programma wordt beschreven en een alfabetisch geordend naslagdeel. Het tweede boekje bestaat uit een aantal lessen, waarin diverse onderdelen didactisch en methodisch worden toegelicht.
Muzieknotatie is en blijft een complexe aangelegenheid. In het referentieboek wordt dit verduidelijkt met een voorbeeld waarin een stuk grond bouwrijp moet worden gemaakt. Dit gaat een stuk sneller met een graafmachine, maar het duurt wel een hele tijd voordat je zo'n machine goed kunt bedienen en eventuele problemen kunt verhelpen. De werking van schep en kruiwagen is sneller te begrijpen, maar het ermee werken gaat helaas een stuk langzamer. Capella beschikt over een groot arsenaal mogelijkheden, maar desondanks zijn de makers van het programma er in geslaagd het programma heel toegankelijk en overzichtelijk te houden. Het lesboek kan in een betrekkelijk korte tijd worden doorgenomen en de gebruiker kan daarna direkt aan de slag, zonder dat hij of zij eerst de hele gebruiksaanwijzing uit het hoofd hoeft te leren: het programma wijst zichzelf.
Om een indruk te geven van de mogelijkheden van Capella volgt hieronder de inhoudsopgave van de hoofdstukken van het lesboek voorzien van een (zeer korte) toelichting. Het is erg waarschijnlijk dat hierbij gebruik gemaakt wordt van vaktaal die voor de gemiddelde leek nogal onduidelijk is. Gezien de aard van het programma heb ik er voor gekozen niet elke muziekterm te verklaren. - Les 1: Invoeren van noten en voortekens. Kan heel snel gebeuren, o.a. via het qwerty-toetsenbord, zowel wat de toonhoogte als de toonduur betreft. Uiteraard vormen mollen en kruisen geen enkel probleem; vaste voortekens worden automatisch door het programma herkend en omgerekend.
- Les 2: Verandering van sleutel, toonsoort en maatsoort. Uitleg van het invoeren van basisinstellingen en correctie van "verkeerd" ingevoerde zaken (bijv. 5 tellen in een 4/4maat). Invoeren van nieuwe notenbalken, verschillende soorten maatstrepen en wisselingen van sleutels en toonsoorten. Uitlijning van een systeem.
- Les 3: Partituurvoorstellen, geluid, rusten en akkoorden. Standaardinstellingen die gebruikt kunnen worden als uitgangspunt voor verschillende soorten partituren. Midiklankkleuren kunnen worden aangepast. Het invoeren van rusten en akkoorden (via een midikeyboard of m.b.v. het qwerty-toetsenbord).
- Les 4: Blokfuncties. Kopieerfuncties binnen een bestand en vanuit een extern bestand. Opmaak van notenbalken t.o.v. elkaar.
- Les 5: liedtekst en waardestrepen. Uitleg over de uitgebreide mogelijkheden van Capella 2000 om liedteksten aan een melodielijn te koppelen (ook meerdere coupletten). Het al dan niet aan elkaar koppelen van waardestrepen en vlaggetjes. Het programma is op dit gebied erg snel en flexibel.
- Les 6: Polyfonie. Dit hoofdstuk handelt voornamelijk over de polyfone notatiemogelijkheden die erg uitgebreid èn gebruikersvriendelijk zijn. Onafhankelijke stemvoering van meerdere stemmen (maximaal 6!!) in een notenbalk behoren tot de mogelijkheden. Hierbij kan de stoklengte naar willekeur worden verlengd om een rustiger notenbeeld te creëren. Notenkoppen kunnen om dezelfde reden naar links of rechts worden verschoven. Een middenstem kan in een driestemmige pianonotatie probleemloos over beide notenbalken worden verdeeld.
- Les 7: Transponeren, stemmenuitreksels. Uiteraard kan Capella 2000 op verschillende manieren transponeren, zowel in klank als in het notenbeeld. Akkoordsymbolen en gitaargrepen volgen automatisch. Heel handig is de diatonische verschuiving waarmee op eenvoudige manier partijen kunnen worden gemaakt in parallelle tertsen of sexten.
- Les 8: Bijzondere notenopmaak en articulatietekens. In dit hoofdstuk worden de mogelijkheden van Capella 2000 uit de doeken gedaan wat betreft enharmonische verwisselingen, geforceerde en verborgen voortekens, slagwerknotatie, voorslagen, articulatietekens (accenten e.d.) stichnoten, triolen en andere antimetrische figuren. Ook heel afwijkende partituren kunnen worden gemaakt, bijvoorbeeld om heel jonge kinderen via een sterk vereenvoudigd notenschrift de eerste beginselen van het muziek maken bij te brengen. Ook hier blijkt weer dat het programma zeer flexibel kan worden gebruikt.
- Les 9: Tekst. In deze les wordt uitgelegd hoe Capella 2000 omgaat met tekstobjecten zoals tempo- en sfeeraanduidingen, titel, componist/tekstdichter, maatnummering enzovoort.
- Les 10: Grafische functies. Het toepassen van fraseringsbogen, dynamische tekens en het aanbrengen van watermerken.
Uiteraard is bovenstaande opsomming allesbehalve compleet, maar het geeft een indruk van de mogelijkheden van het programma. Capella is heel flexibel in het gebruik. Een nog niet genoemd onderdeel is de galerie, waar grafische objecten kunnen worden geïmporteerd en geëxporteerd. De gebruiker kan op deze manier een eigen set objecten aanmaken, bijvoorbeeld transponerende akkoordsymbolen, eigen teksten en tekeningen. Wie zich verder in het programma wil verdiepen, kan onderzoeken welke mogelijkheden geboden worden via de talrijke iconen in de diverse schermen en uiteraard het referentiehandboek raadplegen. De bijbehorende handboeken worden separaat verkocht. Een demo versie is beschikbaar op de website van de importeur. Informatie: www.capella.nl
|