InleidingMenigeen heeft wel eens zitten stunten wanneer ze de audio-uitgangen van een geluidskaart, een MIDI-keyboard en een ritme-apparaat tegelijk wilden aansluiten op hun versterker. Eigenlijk is het geen doen om al die geluidskabeltjes zomaar aan elkaar te knopen, met vaak als resultaat, een brom of een gedempt geluid. Om dit soort problemen op te lossen, beschrijven we hier een eenvoudig mixertje dat voor een paar tientjes gemakkelijk zelf te bouwen is. Natuurlijk mag u de kwaliteit van dit hulpmiddel niet vergelijken met die van een professionele studiomengtafel, maar met zo weinig investeringen presteert dit mixertje zeker niet slecht. Net als bij de andere ontwerpen, bouwden we deze schakeling weer op met behulp van een stukje gaatjesboard, gebruikten we voor het IC een 8 pins voetje en monteerden we alles in een metalen kastje.
Het schema Via de pluggen J1 t/m J4 wordt het geluidssignaal van elk kanaal direct toegevoerd aan de mixerpotmeters P1 t/m P4. Na elke potmeter wordt het ingangssignaal via een elektrolytische condensator en een weerstand van 47 Kohm op een z.g. virtueel mengpunt aan de ingang van een OpAmp-versterker (TL072) toegevoegd. Met R7 is de versterking van de OpAmp zodanig ingesteld dat het ontstane signaalverlies over het virtuele mengpunt netjes wordt gecompenseerd. De spanningsdeler R5 en R6 met de ontkoppelcondensator C5 zorgen ervoor dat het IC op pin 3 precies op de halve voedingsspanning wordt ingesteld. Via C7 en de Master potmeter P5 komt het samengevoegde audiosignaal van alle ingangen beschikbaar op de uitgangsplug J5. In dit schema hebben we u slechts een voorbeeld gegeven voor monosignalen en als u dit mixertje voor stereosignalen wilt gebruiken moet u deze schakeling dus twee maal opbouwen. Voor het gemak hebben we de penaansluitingen van de extra OpAmp, die u voor het andere kanaal kunt gebruiken, onder in het schema vermeld. Voor de potmeters bent u natuurlijk vrij om te kiezen tussen fraaie schuif- of de gewone draaitypen, maar zorg er wel voor dat ze van het logaritmische type zijn. Nog een Tip! Voor C1 t/m C4 is het eigenlijk beter om bi-polaire MK condensators te gebruiken van ca. 1 uF.
Tot slot melden we nog dat u alle draadverbindingen zo kort mogelijk dient te houden om eventuele oscillatieverschijnselen tot een minimum te beperken. Mocht u na het bouwen toch nog constateren dat uw schakeling een lichte neiging tot oscillatie vertoont, monteer dan over pin 4 en 8 van het IC nog een keramische condensator van 100 nF.
|
|
Laatste aanpassing ( woensdag, 10 september 2008 )
|